Mycorrhiza vormend met berk, meestal op relatief droge plekken. Zeer algemeen in het hele land.
Hoed 50-130 mm, halfbolvormig tot gewelfd, licht tot donkerbruin, heel fijn viltig bijna glad. Buisjes buikig, wit dan bruingrijs; poriën ongeveer 0,5-1 mm doorsnee, rond, grijzig wit, bruin vlekkend. Steel 80-150 x 10-45 mm, naar voet verbreed, geheel bedekt met afstekende, kleine, bruine, dan bijna zwarte schubjes op een lichte ondergrond. Vlees wit, meestal niet verkleurend of iets roze aanlopend bij doorsnijden in de hoed en het bovenste deel van de steel. Smaak mild. Geur onbeduidend. Sporen (13,5-) 14,5-19(-22)x (4,0-)5,0-6,5 μm, Q = 2,5-3,5, spoelvormig tot subcilindrisch. Hoedhuid een cutis bestaande uit lange, cilindrische elementen, zonder cilindrocysten (korte cilindrische elementen die gemakkelijk losbreken en in het preparaat gaan zwerven).
De gewone berkenboleet is goed te herkennen aan de bruine hoed zonder grijs, de fraai bruinzwart geschubde steel en het stevige, witte en meestal onveranderlijke vlees.
Bezoekadres & postadres
Toernooiveld 1
6525 ED Nijmegen
Tel. 024 741 0630
info@paddenstoelenonderzoek.nl
ANBI-stichting
Paddenstoelenonderzoek Nederland is een ANBI-stichting en maakt onderdeel uit van Stichting Natuur Onderzoek Nederland.