Soortenbank

Grijzige halminktzwam

-

Coprinopsis kubickae

Grijzige halminktwam

Ecologie en verspreiding

Op dode rietstengels en zeggen in laagveenmoerassen, veenmosrietland. Vrij zeldzaam in Noord-Nederland en Noord-Holland.

Herkenning

Microscopische controle vereist

Hoed eerst halfbolvormig of eivormig, 3-6(10) x 2.5-5(8) mm, dan uitgespreid, tot 10-18 mm, okerbruin dan grijs wordend, bedekt met fijne velumvlokjes. Plaatjes vrij, beige dan grijsbruin tot grijs, tenslotte zwart. Steel tot 30 x 0,5-1,5 mm, wit, fijn vlokkig, verkalend, met een basaal knolletje. Sporen 7,0-11,5 x 6,0-10,5 µm, Q = 1,0-1,35, av. Q = 1,05-1,25, rondachtig tot ellipsvormig, roodbruin, met centrale of iets excentrische kiempore, die vaak moeilijk te zien is. Velum elementen dunwandig, vertakt. Dit is een van de halminktzwammetjes, die in tegenstelling tot de meesten, niet wit zijn, maar eerst okerkleurig dan grijs wordend. De rondachtige sporen en het vertakte velum zijn goede determinatie kenmerken.

Verspreiding