Soortenbank

Groene anijstrechterzwam

-

Clitocybe odora

Groene anijstrechterzwam

Ecologie en verspreiding

Saprotroof op afgevallen blad, soms ook in naaldenstrooisel, op matig voedselrijke, vochtige, zandige of venige grond, vaak op enigszins gestoorde plekken langs paden en in greppels. Augustus-november. Vrij algemeen, vooral op de hogere zandgronden. Deze soort is stikstofminnend en het voorkomen wijst op verrijking van de grond en/of bodemverstoring in voedselarme bossen. Deze soort is onder invloed van de vermesting en verzuring sinds de jaren zeventig gestaag toegenomen, maar die trend is nu min of meer stabiel.

Herkenning

Deze trechterzwam is onmiskenbaar door de combinatie van de groene tinten in de hoed en de sterke anijsgeur. Incidenteel komen vormen voor met een bruine (var. fallax) of juist witte hoed (var. alba). Sporenfiguur wit.

Verspreiding