Soortenbank

Grootsporig staalsteeltje

-

Entoloma cyanulum

Grootsporig staalsteeltje

Ecologie en verspreiding

Op vochtige plekken, vaak tussen veenmos of in veenmosrietlanden, vochtige graslanden en in (moeras)bos. Zeer zeldzaam, wijd verspreid.

Herkenning

Microscopische controle vereist

Vruchtlichamen klein, mycena- of collybia-achtig. Hoed 4–10 mm, kegelvormig tot gewelfd, met afgeplat of umbonaat centrum, zwak hygrofaan, diep doorschijnend gestreept, grijsblauw, violetblauw of violetbruin, soms roze, aangedrukt vezelig tot vrijwel glad, in het centrum heel fijn korrelig tot schubbig. Plaatjes vrij wijd uiteen, smal aangehecht tot bijna vrij, wit dan roze met gelijk gekleurde of gedeeltelijk bruine snede. Steel 15–65 × 0,5–1 mm, diepblauw, grijsblauw, glad en gepolijst. Geur en smaak onbeduidend. Sporen (10–)11–15,5(–16) × 6,5–11 µm, 6-9 hoekig met afgeronde hoeken. Basidiën 4-sporig.

Het Grootsporig staalsteeltje is gekenmerkt door de kleine, mycena-achtige habitus, het diep blauwe, sterk doorschijnend gestreept hoedje, en de grote sporen. Van deze soort bestaat ook een vorm met een zuiver roze hoed (var. roseolum).

Verspreiding