Ectomycorrhiza partner van loof- en naaldbomen in loof- en gemengde bossen, op matig vochtige tot droge, kalkarme, voedselarme tot matig voedselrijke zand- en leembodem. Algemeen, vooral op de hoge zandgronden, in de duinen en in Zuid-Limburg, elders zeldzamer. Juli-oktober.
Een kleine tot middelgrote russula met een hoed van 4-10 cm breed, half bolvormig dan gewelfd, vaak met een verdiept centrum, droog of iets vettig, kaal, met een vlekkerig kleurpatroon met overwegend lila-grijze, blauwige en groene tinten. In de variëteit peltereaui helemaal groen of grijsgroen. Plaatjes dicht opeen staand, vettig aandoend, niet bros zoals in de meeste russula’s, wit of zwak geel. Steel korter dan de hoeddiameter, 1-2,5 cm dik, wit, glad, droog, niet reagerend met ijzersulfaat. Vlees wit, vrij stevig, geur onbeduidend, smaak mild. Sporenfiguur wit. Een gemakkelijk kenmerk van deze soort zijn de plaatjes die vettig aanvoelen en niet bros zijn: een belangrijk verschilkenmerk met de groep van de Berijpte russula (R. grisea sensu lato) die eenzelfde postuur en kleurschakering hebben, maar de voor Russula typische brosse plaatjes hebben die gemakkelijk breken als je er met je vinger langsgaat.
Bezoekadres & postadres
Toernooiveld 1
6525 ED Nijmegen
Tel. 024 741 0630
info@paddenstoelenonderzoek.nl
ANBI-stichting
Paddenstoelenonderzoek Nederland is een ANBI-stichting en maakt onderdeel uit van Stichting Natuur Onderzoek Nederland.